In Amsterdam kun je niet rustig ziek zijn. Annejet van der Zijl verruilt haar leven in de stad voor een leven in een huis bij de duinen. Eerst een huisje, dan een huis. Ze wandelt uren met haar hond — ze bleek een ‘hondvormige leegte’ in haar hart te hebben. Misschien is thuis herhaling, schrijft Valeria Luiselli in Begin midden einde. Annejet van der Zijl wandelt zich een nieuw thuis.
De Terloops-boekjes zijn prachtig omdat ze in kort bestek het verlangen wekken naar wat wandelen de schrijver geeft, rust, routine en gedachten, en dat verlangen lijkt binnen bereik.
Het boek in drie zinnen: Annejet van der Zijl verlaat de stad, wandelt, voelt zich thuis aan de kust. Ze had dat nooit gedacht. Ze blijft haar schrijvende zelf: ze vertelt twee mooie geschiedenissen (George Hitchcock, Marie van Reenen).
[Je leven lang in dezelfde stad wonen kan wijzen op angst voor verandering: niet doen is eenvoudiger — Wayne Dyer]