Als men ouder wordt dan droomt men niet meer, men wil alleen nog een klein luchtkasteel aan de Loire — Jean Loeckx (uit Maximen, Martin de Haan en Rokus Hofstede)
Ik zou een bakker willen zijn die brood bakt en dat verkoopt. Hij staat in de bakkerij, iemand staat in de winkel, overhandigt het brood. Na de vraag ‘anders nog iets?’ volgt niets, een kort nee schudden, één brood, dat is het! Ik vergeet voor het gemak: midden in de nacht opstaan, onverkocht brood, stijgende graanprijzen, pijn in de rug, de handen, de nek, de oven die na vijftien jaar of eerder stuk gaat, stijgende energieprijzen, muizen, moeilijkheden om aan betrouwbaar, loyaal en representatief winkelpersoneel te komen, glazuur dat van de tanden springt. Hoe dieper ik de dingen denk, des te complexer en onaantrekkelijker en onmogelijker de dingen worden. Ik begrijp dan ook niet goed waar het verlangen vandaan komt: ik zou een bakker willen zijn die brood verkoopt. Er zit niks eenvoudigs aan. Het produkt zelf is lastig: het schimmelt, een vriezer heb ik niet, ik zou een kwart brood willen kunnen kopen.