Hij verzamelt informatie, liefst met eigen ogen. Als hij schrijft, laat hij gaten vallen, om ze later te vullen. In de marge krabbelt hij quaere: ‘go and find out’. Zijn teksten, impulsief, onaf, noemt hij ‘schediasmata’, haastig geschreven terwijl iedereen nog slaapt. Zijn naam is John Aubrey (1626-1697), de zoekmachine het paard dat ik continu de sporen geef.

»