Er zit een klein venstertje in het midden van de app die barcodes van boeken scant. Kortstondige vervreemding: ik zie mijn been en de vloer, alsof niet de app maar de telefoon een gat heeft waarin ik mijn wijsvinger zou kunnen steken, als in een wond. De illusie is een milliseconde lang 100% geloofwaardig voor mijn brein, als een perfecte trompe l’oeil, een getekend gat op straat, een duizelende diepte die me doet terugdeinzen. Ik kan me voorstellen dat een wonder zo werkt: de natuurwetten buigen ogenschijnlijk voor jou, terwijl in feite je brein buigt. Ik maak een screenshot van de illusie. Het lijkt op een doodeenvoudige polaroid, een glasheldere foto met een brede witte rand eromheen, als van een zwembad. Ik sla het screenshot (mijn been in roze joggingbroek, de oranjerode tegelvloer in de keuken) op in mijn fotobibliotheek. Ik heb nooit de moeite genomen om de barcode, de camera, de foto, de polaroid, een app te bedenken. Ik doe door niet te doen en houd van mijn waanzinnige miniatuurleven: ik maak 18 screenshots, als een kleine Bernadette in haar grot.