There is a currently popular argument that books help us feel empathy, but if they do so they do it by helping us imagine that we are people we are not. Or to go deeper within ourselves, to be more aware of what it means to be heartbroken, or ill, or six, or ninety-six, or completely lost. – Men explain Lolita to me, Rebecca Solnit

People we are not… wat het betekent om ze NIET te zijn, we zijn die poppetjes NIET.

Ze laat me een verhaal lezen, in een plastic mapje. Ze zegt niet dat het een gruwelijk verhaal is, het verhaal over Bill en Jerry, een mannenvriendschap, bier drinken, in een auto rijden, twee meisjes lastig vallen.

Jerry slaat één meisje dood met een steen, hij ramt een steen in haar gezicht, maar ze is niet dood, en haar wurgen lukt niet, het lukt hem niet – ‘hij zette niet echt door, hij kon het niet’. Vanaf ooghoogte, zo staat het er, laat hij een groot stuk steen vallen. En nog eens, en nog eens.

Ik kan me niet verplaatsen in Jerry, niet in Carver die het schreef. Mijn wereld hoeft niet groter, niemand wordt wijzer van mijn empathie, die wereld is immens. Een meisje wordt verkracht, niet één keer, in het verhaal, maar een tweede keer, wanneer het eindigt (Billy troost Jerry) en een derde: bij publicatie.

Als ik zou zeggen ‘het is maar een verhaal’ en ‘moet kunnen’ dan neem ik woorden niet serieus, dan doe ik alsof boeken (Woolf, Solnit, Cusk) mijn leven geen wending hebben gegeven, woorden geen consequenties hebben.

[Lish heeft het verhaal van Carver geredigeerd, de geweldsporno eruit gesneden. In deze versie wordt niet één, maar worden twee meisjes bewerkt met een steen.]