Omdat we niet wisten wat conceptuele kunst was, zochten we het op. We hadden geluk, Ger van Elk overleed, er was informatie. Ger van Elk boende een stukje vloer in het Stedelijk perfect glad (The Well Polished Floor Sculpture, 1969-1980). Ger van Elk ging de zee op en schilderde een stukje hout perfect glad (La Pi├Ęce, 1971). Kunst zo licht, zo anti, zo nietsculptuur en tegelijkertijd zo gezocht, zo veeleisend, zo nietconceptueel: eindeloos boenen met lagen boenwas tot de vloer blinkt, mijlen ver varen om een stukje hout stofvrij te lakken. Ik ben bang voor het moment waarop ik alles serieus neem, letterlijk.