‘Kopje thee?’ vraagt Meester Fong als hij door de kantoortuin dwaalt. ‘Ook niet uit beleefdheid?’ Hij schenkt thee en anekdotes, is even gul met beide. Soms zet hij vier tafels in een vierkant, gat in het midden, vindt hij mooi, zegt hij. School is theater. Lessen vinden vaak in de eerste en laatste vijf minuten plaats. Soms speelt Meester Fong boos. Als studenten onder protest (‘ja maar, is niet onze rotzooi!’) lege flesjes en zakjes in de prullenbak gooien, bijt hij ze toe ‘stelletje nepontwerpers’. Je bekommeren om wanorde, chaos – een ontwerper moet dat leuk vinden. Tafels netjes uitgelijnd – een ontwerper moet dat leuk vinden. Optimistisch hoeft hij niet te zijn.

«