Ik kom een zin tegen op straat, op een zwarte wand boven het hoofd van de boekinkoper van De Slegte, de wand nog niet aan het oog onttrokken door stapels boeken waarvan mensen zich willen ontlasten, het is vroeg in de ochtend, zijn gezicht is rood, hij zucht en steunt en klaagt, zou willen dat mensen geen boeken meer brengen, ik breng boeken. De zin is van Murakami. ‘Als je alleen de boeken leest die iedereen leest, kun je alleen maar denken wat iedereen denkt.’ Ik wil graag denken wat iedereen denkt maar bedwing mijn diepe zucht tot tegenspraak, tegenspreken is geen troost maar ontkennen dat wat iemand zegt zinvol is (A. Dantzig).