Wikipedia is een bloeiende, groeiende, bloesemende zijtak van de schone letteren, die een spannend verhaal niet schuwt. Het lemma ‘mossel’ kent inmiddels meer dan 500 hervertellingen sinds Jürgen op 7 juli 2003 een eerste verhaal publiceerde.

Zeesterren zijn ondanks hun slome beweging geduchte roofdieren. Een zeester kruipt op de mossel en trekt met zijn armen de twee schelpdelen van elkaar. De armen van de zeester zijn voorzien van vele kleine zuignapjes aan de onderzijde. Deze worden vastgezogen aan de schelpen van de mossel en leveren zo een trekkracht op de schelp. De zeester hoeft verder geen inspanning te leveren aangezien de zuignapjes een constante kracht uitoefenen. Zoals elk schelpdier moet de mossel om de schelp dicht te krijgen zijn sluitspier gebruiken. Het dichthouden van een schelp kost dus ook zonder een aanval van een zeester al energie. Als daar de trekkracht van de zeester bovenop komt, raakt de mossel dan ook betrekkelijk snel moe. Zodra de mossel de schelp iets opent, spuit de zeester maagzuur naar binnen. De mossel trekt zijn schelp weer dicht en wordt nu al deels verteerd door de zure sappen van de zeester.