Een man had een eilandje in zee gemaakt, vlak voor de kust. Drie maanden lang vulde hij zakken met zand en sleepte ze één voor één de zee in, zo’n 200 meter ver. Het sjouwen met die zandzakken, de golven die zijn nieren lam beukten, de kou die in zijn botten trok en zijn spieren verkrampte. Sisyphusarbeid, Tantaluskwelling, Finse gekte. Onmogelijke strijd tegen de elementen. Het kon niet mislukken. De man zette door en kreeg zijn beloning: een eilandje in zee, waar hij bovenop zat, naast een klein boompje, voeten onder zich gevouwen, vlak voor de kust. De openingszin stond al boven water.