Als je wat maakt, weet je niet wat het wordt, al meende ik dat wel te weten, een ingenieur gaat niet zomaar aan de slag, ik wilde een eigen internet, zelfvoorzienend, voor als de stroom uitvalt en het water me aan de lippen staat. Dingen die ik dan bij de hand wil hebben: een stukje tekst over de neus van Nicole Kidman, de wetten, hard als staal, alle lessen die mijn kat me leerde omdat ze kat is, alle personen die ik ooit ben tegengekomen. Een gepersonaliseerde zoekmachine dus, een extern, snel doorzoekbaar geheugen, niet het onpraktische archief van Facebook en Youtube en Instagram, waarvan het me niet lukt content te bewaren, teksten en plaatjes en video’s zwerven als versplinterde brokstukken rond. Het past op de kleinste computer en kan met één vinger in zand geschreven worden, zodat het in mijn binnenzak past als het water stijgt en me inderdaad aan de lippen staat, een goede vriend denkt dat het binnen dertig jaar zover is. Van wat het aan het worden is, bevalt mijn wikipedia me het meest, kennis en wijsheid van anderen geven me het gevoel dat internet een goedaardig, genereus, universum is. Het mijne zonder reclame en zonder commentaar, behalve in de broncode, vanzelfsprekend, en zonder externe links, want je kunt op bitrot zitten wachten zoals op pannen die van het dak waaien als de stormen komen.