Het grootste deel van mijn oeuvre bestaat uit dagboeken en dagboekachtige notities. Ik hoef die zesduizend pagina’s niet na te lezen om te weten wat de rol van de actualiteit daarin is geweest — nul. Als in dit werk iets van waarde te vinden is, dan zal het zijn gelegen in dingen die ik zelf heb meegemaakt en doorleefd.

Bij de storm van vorige week kon je terugbladeren naar die van 11 november 1992, die fluitend aan land kwam in Vlissingen. De kans dat ik ooit met dezelfde voldoening zal omzien naar zinnen die de afgelopen weken aan Gaza/Israël waren gewijd: nul.

[bij het lezen van Koos van Zomeren, die het heeft over woordenspel. Dingen die in woorden tot je komen kun je alleen met woorden verwerken. Persoonlijke betrokkenheid bij de kwestie is vaak nul.]