Arles, c. zaterdag 29 september 1888 — Waarde Theo, hartelijk dank voor je brief en voor het biljet van 50 francs dat erin zat. Het ziet er niet rooskleurig uit dat de pijn in je been weer teruggekomen is – mijn God – voor jou zou het ook mogelijk moeten zijn om in het Zuiden te leven, want ik denk altijd dat wij als betrouwbaarste remedie én zon én mooi weer én blauwe lucht nodig hebben. Het weer hier blijft mooi en als het altijd zo was, zou het beter zijn dan het paradijs der schilders, dan zou het helemaal Japan zijn.

Ik leef in het klein, leid een miniatuurleven. Ik laaf me aan allerlei beroepen, oefen ze serieel en parallel uit zoals een kind de ene dag vadertje-en-moedertje, misje, cowboytje en de volgende dag schooltje, zangeresje en stoeltje speelt. Een pepermunt als hostie. Een ingewikkelde houding liggend op de bank met in de lucht uitgestrekte armen als armleuning als uit te proberen showmodel in een meubelzaakje. Vandaag ben ik handelaar in tweedehands boeken tussen kartonnen dozen. Boeken.com biedt 5,20 euro voor De kunst van het woord, de mooiste brieven van Vincent van Gogh. Ik kan mijn verlies nemen, kocht het onlangs voor 9 euro in Meliskerke. Het voordeel van verkopen: ik ga onmiddellijk lezen, straks is het boek weg, sluit ik de doos en kan het niet langer. Het nadeel van verkopen: ik ga onmiddellijk lezen en vind het mooier dan gehoopt, ik werk me al snel de misselijkheid in, ik heb dingen te doen, ik steel zinnen op de tijd, het kost me mijn gemoedsrust, heb nog steeds dezelde dingen te doen, kalmeer me met de kadans van de zinnen, de gedachten, die woord na woord op me afrollen en die op het punt staan te verdwijnen. De stress van de kleine beroepen die ik uitoefen speelt me parten. De stress is niet afkomstig van het kleine beroep of het miniatuurleven, maar van het grote leven dat een beroep op mij uitoefent. Ik maak een snelle berekening: als ik van de achttien uren één supergeconcentreerd werk houd ik er zeventien over voor Van Gogh. Als ik het boek niet verkoop zakt mijn hartslag onmiddellijk en lees ik geen letter. Het openslaan is een gevaarlijk moment, één goede zin, invoegen op de snelweg, en ik ben verloren.