Enkele notities bij de lezing van Norbert Peeters

1. Planten zijn amfibieƫn, schepsels die twee werelden bewonen: de lucht en de aarde.

1b. Moet denken aan Simone Weil: a tree is rooted in the sky.

2. Een orchidee belazert de boel. Hij levert de bij, de bestuiver, in 30% van de gevallen geen nektar. Vervelende plant.

3. Poolster komt niet van pool, maar van polsstok, stilstaand. Wikipedia maakt me niet wijzer, daar komt polsstok van puls, het voelbare kloppen van bloed. Dit is een tergende notitie.

4. Een plantenwortel draait duizenden kleine ellipsjes. Voortdurend, nonstop. Een worteltopje is een uiterst boeiend intelligent dingetje.

5. Ondergronds heb je geen hemellichamen die kunnen helpen bij navigeren. Planten gebruiken gravitropie, hydrotropie, thigmotropie, thermotropie, phototropie.

6. Een plant zweet.

7. Een plant slaapt.

8. Een plant beweegt.

9. Een plant kan doelgericht anderen in de weg zitten. Waarom altijd de ander dwars zitten, zegt ze.

10. Een oude plant helpt jonge planten. Dat vertelt ze (niet de lezinggevende man) terwijl onze vingertoppen ellipsjes draaien.

11. Een plant onthoudt dingen, heeft een geheugen.

12. Een plant zit robuuster in elkaar (genetwerkte, gedistribueerde intelligentie) dan de mens (centraal zenuwstelsel stuk = alles stuk), als internet.

Zullen we de komende twee nachtcolleges ook bezoeken of zullen we gewoon de boeken lezen, zegt ze als we weglopen door de donkere tuin (verlicht met lampjes).