Misschien moet wikipedia het eerste meerstemmige lemma worden.

Zinsser zegt dat je je schrijvend ergens naar toe kan denken, dat schrijven denken is. Bij nonfictie gaat het niet zozeer om het onderwerp, de inhoud (natuurlijk gaat het daarover), maar om de relatie van de schrijver tot het onderwerp. Zinssers interesse voor insecten is minimaal, maar als hij iemand tegenkomt met een buitensporige interesse voor insecten die die interesse weet op te schrijven, raakt hij geïnteresseerd.

Interesse is een ingang tot kennis, tot weten, tot leren. Daarom leest hij ook het liefst wiskundigen, scheikundigen, natuurkundigen, biologen. ‘I wouldn’t look for writing, for instance, by journalists, good though it might be. If the discipline was geology I wanted good writing by a geologist. If it was evolutinon I wanted Darwin, if it was relativity I wanted Einstein, if it was cell biology I wanted Lewis Thomas.’

Zinssers boek staat vol voorbeelden: Einstein, Paul Rand over het IBM-logo en er is een prachtig stuk van Lewis Thomas, The fragile species. Schrijven/denken kan volgens Zinsser alpha’s verlossen van angst voor wiskunde, scheikunde en natuurkunde en bèta’s van angst voor schrijven, want ze kunnen denken. Zinsser is geïntereseerd in andermans interesse, ik in die van Zinnser. Iedereen kan schrijven die kan denken en een vak beheerst of beheerst wordt door een vak. – William Zinsser, Writing to learn