Ik wist nooit zo goed waarom Picasso me niet aantrekt, na het beluisteren van Malcolm Gladwells podcasts heb ik een hypothese, en daarom beschouw ik vandaag als een gelukkige dag, de beslissing om te luisteren en door te luisteren, Gladwells storytelling is verslavend. Hij vertelt via poppetjes, die hij laat praten met hemzelf, daartussendoor vat hij samen, poneert hij zijn Ene Idee. Zijn verhalen zijn gestructureerd rond een verklarend idee.

Countrymuziek is bijvoorbeeld de meest verdrietige muziek op aarde. En dan gaat Gladwell naar Nashville en praat met Bobby Braddock ‘who has written more sad songs than almost anyone else’ en zoekt uit waarom countrymuziek hem aan het huilen maakt, rockmuziek niet. Of hij zoekt uit waarom niemand in basketbal vrije worpen neemt op de manier met een scoringskans van bijna 100% aan de hand van de ene persoon in de Verenigde Staten die dat wel deed. Wat volgt is een prachtig portret van die ene man: tragisch, sad, rationeel, eenzaam, de prijs die je betaalt voor perfectionisme. In Hallelujah vertelt Gladwell dat je twee soorten genieën hebt: Picasso, briljant, met één klap op het toneel, heeft een idee, werkt het uit, in één keer goed, blikseminslag in de kunst (conceptueel genie) en Cézanne, weet niet wat hij aan het doen is, duurt eeuwen, keert steeds terug, maakt fouten, zoekt, probeert (experimenteel genie). Bij hem zie je twijfel. Een langzaam ontstaan. Die tweede, Cézanne, toont een menselijkere, wanhopigere poëtica. Omdat de werken steeds in staat van mislukking verkeren. Waarom doorgaan? En dan doorgaan. Hallelujah van Leonard Cohen was jaren mislukt. Hij beet zich vast, hoorde iets wat niemand hoorde, liet niet los. He’s a Cézanne.

[The basketball legend Wilt Chamberlain had only one flaw: he couldn’t shoot free throws. In 1962, Chamberlain switched to making his foul shots underhanded — and fixed his only weakness. But then he switched back.]

Revisionist history, Malcolm Gladwell