Een bericht uit 18 april 1879, bijna anderhalve eeuw geleden:

I was walking very fast when my foot caught on something that sent me stumbling a few meters away, I wanted to know the cause. In a dream I had built a palace, a castle or caves, I cannot express it well… I told no one about it for fear of being ridiculed and I felt ridiculous myself. Then fifteen years later, when I had almost forgotten my dream, when I wasn’t thinking of it at all, my foot reminded me of it. My foot tripped on a stone that almost made me fall. I wanted to know what it was… It was a stone of such a strange shape that I put it in my pocket to admire it at my ease. The next day, I went back to the same place. I found more stones, even more beautiful, I gathered them together on the spot and was overcome with delight… It’s a sandstone shaped by water and hardened by the power of time. It becomes as hard as pebbles. It represents a sculpture so strange that it is impossible for man to imitate, it represents any kind of animal, any kind of caricature. I said to myself: since Nature is willing to do the sculpture, I will do the masonry and the architecture. – Ferdinand Cheval

Iemand terugwinnen is moeilijk maar niet onmogelijk schreef ik op 1 januari 2016 op dit log, het jaar dat ik vervloekte dat ik het ooit begonnen was. Ik dacht dat online schrijven de kortste weg was om beter te schrijven. De dwang van vreemde ogen maakt dat je er niet uitgezakt bij staat maar actief hupt, rug recht. Het geschrevene zweeft voor eeuwig online. Ik nam me voor het dagelijks te doen. Diep van binnen dacht ik dat een log de snelste manier was om een boek gepubliceerd te krijgen. Dat idee, die droom vervang ik door een andere: dit bouwsel.

De Franse postbode Cheval (1836-1924) raapte 33 jaar lang vreemde mooie stenen op, metselde het paleis waarin hij begraven wilde worden. Dat mocht niet. Vervolgens spendeerde hij 8 jaar aan het bouwen van een mausoleum op de begraafplaats in Hauterives. Cheval noemde zichzelf metselaar, natuur de kunstenaar.

Als schrijven praxis wordt, iets wat je elke dag doet, als een dagelijkse wandeling, als koken, als kijken naar de gedachten zoals je kijkt naar het roodborstje, en het bouwsel organisch onder je handen groeit (‘an interactive, rhythmic, and unstable process, an end in itself’ – UKL) wordt dat het verhaal waarmee valt te leven, het leven dat je kunt vertellen.

‘Persevering in one’s existence is the particular quality of the organism. It’s not a progress towards an achievement.’ Dat opgeven van achievement, van progress, is moeilijk, je cirkelt, je moet leren cirkelen.

Cheval ligt natuurlijk wel begraven in de stenen die hij op elkaar stapelde, dat uitstulpend bouwsel, zijn paleis, zijn testament. Zijn geest is daar, zijn visioen. Ik werk al drie jaar aan mijn laatste blogpost, die elke dag verandert, maar nu al een half jaar niet, omdat ik leef.