Ze appt dat 936 Canadese populieren in Amsterdam wegmoeten. Een bericht van de andere kant van de stad. Ook daar worden ze geveld. De bomen blijken na 35 jaar opeens hun takken te laten vallen. ‘Op zomerse bladstille dagen’ – zomaar, een mysterie. Alsof het kinderen zijn die hun melkgebit wisselen.

‘Het is niet niks als beendikke takken van twintig meter naar beneden zeilen,’ zegt de boomconsulent. Hij beslist. De parken zijn onveilig. De hele rij bij de Schellingwouderbrug wordt gekapt. Waarom zagen ze de takken niet af? Wat is veiligheid? Hoe houd je samenleven vol?

Cyril Connolly heeft ooit geschreven dat mieren zich bedwelmen met uitwasemingen, zweet van parasieten. Omdat ze de meest gesocialiseerde insecten zijn is hun leven het meest ondraaglijk.

[Leuk om te onthouden: de populier is een snelle groeier, hij werd ontwikkeld voor de klompenindustrie, en gebruikt om nieuwe wijken snel groen en minder kaal te maken.]